30 leuke feiten over Evolutie
Leer iets nieuws en test jezelf daarna met de quiz.
Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Wist je dit allemaal? Bewijs het.
Doe de quiz van 30 vragenVan welke getemde dieren stammen alle hondenrassen af?
Die voorouders leefden rond 15.000 jaar geleden. De grote uiterlijke verschillen tussen de rassen zijn het werk van fokkers.
Welke wetenschap bestudeert fossielen?
Fossielen zijn overblijfselen of sporen van leven, bewaard in sedimentaire gesteentelagen. Zeer goed bewaarde exemplaren zijn relatief zeldzaam.
In welk boek uit 1859 zette Charles Darwin zijn theorie over evolutie uiteen?
Darwin gaat er ook uitgebreid in op de bezwaren die critici tegen zijn theorie inbrachten en illustreert zijn betoog met tal van voorbeelden.
Hoe heet selectie waarbij eigenschappen worden doorgegeven die de voorkeur van de mens hebben?
Bij het fokken van dieren en het kweken van planten bepaalt de mens welke genen worden doorgegeven. Zo ontstonden de gedomesticeerde soorten.
Welke Oostenrijkse monnik stelde in Darwins tijd zijn wetten van erfelijkheid op?
Zijn werk werd pas in het begin van de 20e eeuw door biologen ontdekt. De wetten verklaren erfelijkheid, maar niet hoe nieuw erfelijk materiaal ontstaat.
Met het werk van welke geleerde ontstond de taxonomie, het indelen van soorten in groepen?
Zelf dacht hij dat soorten onveranderlijk waren. Later werd zijn indeling van de natuur juist gebruikt om evolutionaire verwantschappen uit te drukken.
Van welke natuuronderzoeker kreeg Darwin in 1858 een brief met een bijna identieke theorie?
Na die brief publiceerden de twee de theorie samen. Darwin had tot dan toe gewacht, omdat hij eerst nog meer bewijzen wilde verzamelen.
Welke organellen functioneren als de energiecentrales van de cel?
Vrijwel alle cellen met een celkern bezitten ze. Die celkern maakt langere DNA-ketens en daarmee ingewikkeldere levensvormen mogelijk.
Welke dieren, die hun eieren op het land konden leggen, ontwikkelden zich uit amfibieën?
Dat gebeurde rond 300 miljoen jaar geleden. Uit deze groep kwamen later de voorouders van de dinosauriërs voort.
Welke dinosauriërs stierven niet uit bij de massa-extinctie van 65 miljoen jaar geleden?
Van het verdwijnen van de andere dinosauriërs profiteerden vooral de zoogdieren, die daarna dominant werden en een grote verscheidenheid ontwikkelden.
Welke selectie in de natuur beïnvloedt niet direct de overlevingskans van een organisme?
Ze komt alleen voor bij soorten die zich geslachtelijk voortplanten. De opvallende veren van de mannetjespauw zijn een bekend voorbeeld.
Hoe heet de plotselinge diversificatie van dierlijk leven, ruim 500 miljoen jaar geleden?
In relatief korte tijd verschenen bijna alle huidige stammen van het dierenrijk. Omdat er groepen met een hard skelet ontstonden, bleven veel fossielen bewaard.
Welke era van dierlijk leven heeft een naam die 'middelste dierenleven' betekent?
In dit tijdperk hadden de dinosauriërs ecologisch de overhand over de zoogdieren. Ervoor ligt het 'oude dierenleven', erna het 'nieuwe dierenleven'.
Welk type evolutie gaf haaien en dolfijnen een vergelijkbare lichaamsbouw?
De eerste zijn vissen, de tweede zoogdieren. Zo'n gelijkenis ontstaat doordat de selectiedruk op verschillende soorten gelijk kan zijn.
Ruim hoeveel procent van alle soorten die ooit leefden, is waarschijnlijk uitgestorven?
Soorten sterven uit wanneer ze onvoldoende zijn aangepast aan hun leefomgeving. Een snelle, drastische verandering kan een massa-extinctie veroorzaken.
Wie stelde vóór Darwin de meest complete hypothese over evolutie op?
Volgens hem kon een organisme eigenschappen die het tijdens zijn leven verwierf doorgeven: een vogel die veel loopt, zou jongen met sterkere poten krijgen.
Welk vakgebied bestudeert de volgorde van gesteentelagen?
Hoe ouder een gesteentelaag, hoe eenvoudiger de bouw van de fossielen die erin zitten. Dat gaf inzicht in de loop van de evolutie.
Welke homologieën, organen vrijwel zonder functie, gelden als direct bewijs voor evolutie?
Bij mensen horen verstandskiezen, het staartbeen, spieren in het oor en kippenvel erbij. Walvissen hebben botjes waar hun voorouders poten hadden.
Welke mensensoort verspreidde zich als eerste over andere continenten?
Deze soort leefde van 1,8 miljoen tot 70.000 jaar geleden. De allereerste mensen leefden daarvoor al in Oost-Afrika.
Wiens inzicht over een overschot aan nakomelingen paste Darwin toe in de biologie?
Zouden alle individuen succesvol nakomelingen krijgen, dan zou een populatie ongeremd groeien. Het beschikbare voedsel is echter niet onbeperkt.
Hoe oud zijn de oudste fossielen die als directe sporen van leven gelden minstens?
Het gaat om eenvoudige bacteriën: eencellige prokaryoten zonder organellen. Bewijs voor fotosynthese is zelfs in nog oudere gesteenten gevonden.
In welke Schotse stad begon Charles Darwin een studie medicijnen?
Omdat hij slecht tegen bloed kon, kreeg hij een weerzin tegen de practica en verwaarloosde hij zijn studie. Later studeerde hij theologie in Cambridge.
Wie was de kapitein van de HMS Beagle op de reis waaraan Charles Darwin deelnam?
De kapitein zocht een natuuronderzoeker die hem gezelschap kon houden en zelf onderzoek zou doen. Onderweg moesten nieuwe kustkaarten worden vervaardigd.
Bij welk insect toonde Theodosius Dobzhansky in experimenten de vorming van nieuwe soorten aan?
Ook in de natuur is het gezien: het geslacht Rhagoletis leeft op meidoorns, maar zo'n 150 jaar geleden ontstond een populatie die op appelbomen parasiteert.
In welk jaar vertrok de Beagle met Charles Darwin vanaf Devonport, nabij Plymouth?
Het schip voer op 27 december uit. Onderweg had Darwin last van ernstige zeeziekte; op 16 januari bereikte men Kaapverdië.
Van welke Duitse bioloog is de meest gebruikte definitie van het begrip soort afkomstig?
Volgens die definitie is een soort een groep organismen die samen levensvatbaar en vruchtbaar nageslacht kan krijgen. Bij bacteriën werkt dat niet.
Welke hypothese stelt dat een wapenwedloop twee soorten dwingt te blijven evolueren?
Zulke wapenwedlopen ontstaan tussen predator en prooi of tussen natuurlijke concurrenten. Wie de ander niet kan bijbenen, loopt het risico uit te sterven.
Welke theorie van Eldredge en Gould verklaart waarom fossiele tussenvormen zeldzaam zijn?
Korte perioden met grote veranderingen wisselen volgens deze theorie af met miljoenen jaren waarin een grote populatie nauwelijks verandert.
Welke theorie verklaart gedeeltelijk het ontstaan van eukaryoten, cellen met een celkern?
De oudst bekende fossielen van deze ingewikkeldere cellen zijn ongeveer 2 miljard jaar oud. Hun organellen maken een efficiënte scheiding van processen mogelijk.
Wie toonde eind 19e eeuw met experimenten aan dat verworven eigenschappen niet erfelijk zijn?
Darwin kon zelf niet verklaren hoe natuurlijke variatie ontstaat en ging er nog van uit dat tijdens het leven verworven eigenschappen worden overgedragen.