Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Spelling is de manier waarop gesproken taal op papier komt. Dat lijkt simpel, maar geen enkel alfabet past precies op de klanken van een taal. Deze quiz gaat over schriftsoorten, over letters die te veel of te weinig doen en over oude schrijfwijzen die bleven staan toen de uitspraak veranderde. Je komt ook leenwoorden, de d/t-regels en spelling als reclame of politiek signaal tegen. De meeste voorbeelden komen uit het Nederlands.
Alle 30 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Welk alfabet heeft het Nederlands ontleend?
Latijnse
Ideaal was dat niet: er ontbraken tekens voor flink wat Nederlandse klinkers, zoals die van duur, dus, deur en de.
Q 02In welke taal staat de letter ñ voor de klank /ɲ/?
Spaans
Talen met te weinig letters voor al hun klanken behelpen zich vaak met zulke extra tekentjes op bestaande letters.
Q 03Wat is het eigenlijke doel van spelling?
spraakklanken weergeven
Een afwijkende schrijfwijze kan ook iets anders beogen, zoals de aandacht trekken in reclame of een politiek standpunt laten zien.
Q 04Welk woord uit het Engels wordt informeel ook als „nite” gespeld?
night
Beide schrijfwijzen klinken precies hetzelfde; de afwijkende vorm roept een sfeer van informaliteit of ongeletterdheid op.
Q 05Welke taal schrijft de klank /ʃ/ met de drie letters sch, zoals in „Mensch”?
Duits
Zo'n groep van drie letters die samen één klank weergeven, heet een trigraaf.
Q 06Welke spelling is door spellingconservatisme extreem onregelmatig geworden?
Engelse
In het Angelsaksische taalgebied regelt geen officiële instantie de schrijfwijze, zodat oude vormen na taalveranderingen bleven staan.
Q 07Welke letter is in het Nederlands eigenlijk overbodig omdat ze altijd voor /ks/ staat?
x
Tegenwoordig komt deze letter alleen nog in leenwoorden voor; vroeger werd ze ook in erfwoorden geschreven.
Q 08Welke Nederlandse letter staat soms voor /ɛ/, soms voor /e/ en soms voor /ə/?
e
In „bever” komen de laatste twee klanken allebei voor, terwijl „bel” de eerste heeft.
Q 09Als welke klank wordt de laatste medeklinker van het woord „krab” uitgesproken?
p
Dit verschijnsel heet auslautverhärtung: ook de d van „bad” klinkt als een [t] en de g van „dag” als een [x].
Q 10In het midden van welke eeuw verdween de schrijfwijze „mensch” uit het Nederlands?
20e
Tegelijk verdween het onderscheid tussen ee en e en tussen oo en o in open lettergrepen, zoals in het oude „heeten” naast „nemen”.
Q 11Welke Nederlandse uitgang kan zowel als /ən/ als /ə/ worden uitgesproken?
-en
Zulke dubbele standaarduitspraken komen in het Nederlands op grote schaal voor in onbeklemtoonde lettergrepen en ook vaak bij leenwoorden.
Q 12Welke taal wordt met een logografisch schrift geschreven?
Chinees
De tekens van zo'n schrift heten karakters; ze staan niet voor losse klanken.
Q 13Voor welke taal worden de twee Kanaschriften gebruikt?
Japans
Het zijn syllabische schriften; voor het Nederlands zou zo'n schrift een enorm aantal tekens vereisen.
Q 14Welke taal ontleende de letter thorn (þ) aan het runenalfabet?
Q 21Welke politieke kleur wilden actiegroepen in de jaren 70 en 80 tonen met de spelling „aksie”?
links
Afwijkende schrijfwijzen kunnen ook dienen als reclame of om een informele sfeer op te roepen.
Q 22Wat geeft elk teken in een syllabisch schrift weer?
lettergreep
Net als bij een logografisch schrift spreekt men hier informeel van spelling, al worden er strikt genomen geen letters gebruikt.
Q 23Hoeveel jaar geleden vielen de klanken van ei en ij in het Nederlands ongeveer samen?
500
De ij gaat terug op een Middelnederlandse lange [i:], die bij de overgang naar het Nieuwnederlands in [ɛi] veranderde.
IJslands
De thorn was oorspronkelijk de derde letter van het runenalfabet.
Q 15Hoe noem je een spelling die berust op feiten uit de vroegere taalgeschiedenis?
etymologisch
Zulke schrijfwijzen ontstaan als de uitspraak verandert maar het vertrouwde woordbeeld blijft; lezers en schrijvers houden van een vaste aanblik.
Q 16Op herkomst uit welke taal wijst de th in het woord „these”?
Grieks
Een vreemde schrijfwijze kan zo de brontaal van een leenwoord verraden, en dat geeft haar een zeker sociaal prestige.
Q 17Hoe heet een combinatie van twee letters voor één klank, zoals oe in „doek”?
digraaf
Het Nederlands heeft te weinig lettertekens voor al zijn klanken; ook aa in „aap” is zo'n combinatie.
Q 18Wat stellen de tekens van een logografisch schrift voor?
begrippen
Strikt genomen is dit geen spelling, want spellen is woorden uit letters vormen; toch wordt het woord er informeel voor gebruikt.
Q 19Hoeveel verschillende letters had het alfabet van de Romeinen voor de klank /k/?
drie
Het ging om de c van „canis” (hond), de k van „Kalendae” (eerste dag van de maand) en de q van „quid” (wat).
Q 20Van welke letter is de Nederlandse j een vervorming?
i
Anders dan in het Latijn is /j/ in het Nederlands een andere klank dan /i/, dus was er een eigen teken nodig.
Q 24Hoe heten leenwoorden die in veel talen met ongeveer dezelfde spelling voorkomen?
internationalismen
Voorbeelden zijn liter, atheïsme, psychologie en quarantaine: ze hebben in al die talen ook dezelfde herkomst.
Q 25Wat geeft elke letter van een alfabetisch schrift in principe weer?
foneem
Verreweg de meeste gespelde talen werken zo; het Fins en het Hongaars zijn voorbeelden, het Nederlands grotendeels ook.
Q 26Welk leenwoord kreeg in het Nederlands wél een aangepaste spelling?
antropoloog
Ook „seks” is zo'n aangepast leenwoord; vaak blijft de schrijfwijze van de brontaal juist behouden.
Q 27Met de klinker van welk woord wordt die van het lidwoord „de” al sinds de jaren 30 vergeleken?
put
Of het om dezelfde klank gaat, is nog steeds niet beslecht; mogelijk verschilt het antwoord per spreker.
Q 28Wat zou het opgeven van uitheemse spellingen volgens een bekende bewering met de taal doen?
verarmen
Die bewering versterkt het sociale prestige van schrijfwijzen die de herkomst van een leenwoord laten zien.
Q 29In welk Nederlands woord wordt de k als een [g] uitgesproken?
dekbed
Een eenvoudige fonetische schrijfwijze noteert zo'n uitspraakvariant niet, net zomin als het verschil tussen de l van „woel” en die van „wiel”.
Q 30Welk woord bevat net als „mannequin” en „daim” de nasale leenklank /ɛ̃/?
souterrain
Ook „elektricien” hoort in dit rijtje: dezelfde klank wordt in elk van deze leenwoorden anders geschreven.