Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Zoölogie, de wetenschap van het dierenrijk, begon bij de oude Grieken en groeide via de beestenboeken van de Middeleeuwen, de microscoop van Van Leeuwenhoek en de evolutietheorie van Darwin uit tot een vak met talloze specialisaties. Deze quiz gaat over de geschiedenis van de dierkunde, de deelgebieden zoals entomologie en herpetologie, en de grootste diergroep van allemaal: de insecten, met hun exoskelet, metamorfose, feromonen en verbazingwekkende voortplanting. Speel de vragen direct online of print ze uit voor een quizavond.
Alle 29 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Welke Nederlandse naam wordt ook gebruikt voor zoölogie?
Dierkunde
Het vakgebied onderzoekt onder meer evolutie, ecologie, systematiek en de interacties van dieren met hun omgeving.
Q 02Welk instrument liet Swammerdam en Van Leeuwenhoek cellen in verschillende weefsels bestuderen?
Microscoop
Anatomisch onderzoek werd in die tijd onder meer verbeeld door Rembrandts Anatomische Les.
Q 03Tot welke groep behoort het merendeel van de beschreven diersoorten?
Geleedpotigen
Jaarlijks komen er vele duizenden nieuw beschreven soorten bij.
Q 04Welk deelgebied van de zoölogie bestudeert insecten?
Entomologie
Andere deelgebieden zijn de herpetologie, de ichtyologie en de ornithologie.
Q 05Welke natuuronderzoeker staat voor de systematische classificatie van soorten sinds de 18e eeuw?
Linnaeus
Rond dezelfde tijd werd naast anatomisch ook taxonomisch onderzoek belangrijk.
Q 06Welk ongevaarlijk insect lijkt vaak sprekend op een stekende wesp?
Zweefvlieg
Andere insecten lijken op plantendelen, zoals een tak, een blad, een uitschieter of een doorn.
Q 07Welke groep overheerst in de zeeën, waar insecten nauwelijks voorkomen?
Kreeftachtigen
Insecten komen vooral voor op het land en in zoetwater.
Q 08Hoe wordt een volwassen insect in de biologie genoemd?
Imago
De taxonomie van insecten is voor een belangrijk deel gebaseerd op het verloop van de metamorfose.
Q 09In welk jaar formuleerde Charles Darwin zijn evolutietheorie?
1859
Het bestaan, evolueren en uitsterven van soorten werd voortaan verklaard als aanpassing aan de omstandigheden.
Q 10Door welk mechanisme werd het evolueren en uitsterven van diersoorten na Darwin verklaard?
Natuurlijke selectie
Tot dan toe was de zoölogie vooral beschrijvend van aard.
Q 11Uit welke stof bestaat het harde exoskelet van insecten?
Chitine
Het exoskelet wordt tijdens de groei via vervelling een aantal keren afgeworpen en vernieuwd.
Q 12In welk versteend hars van naaldbomen blijven insecten vaak goed geconserveerd?
Barnsteen
Uit fragmenten uit het Devoon is bekend dat er ongeveer 350 miljoen jaar geleden al insecten leefden.
Q 13Welke diergroepen bestudeert de herpetologie?
Reptielen en amfibieën
De arachnologie bestudeert spinachtigen, de mammalogie zoogdieren en de ornithologie vogels.
Q 21Bij welke insecten is de paring een schouwspel dat bekendstaat als het paringsrad?
Waterjuffers
Na de paring wordt het sperma direct naar de eicellen geleid, maar het kan ook worden opgeslagen.
Q 22Wie schreef de Historiae animalium, een bekend zoölogisch werk uit de 16e eeuw?
Conrad Gesner
In diezelfde periode nam ook het anatomische onderzoek toe, later gevolgd door taxonomisch onderzoek.
Q 23Welke verouderde Nederlandse naam werd vroeger voor insecten gebruikt?
Kerfdieren
De kop draagt de ogen, kaakdelen en voelsprieten; het borststuk de poten en vleugels.
Q 14Hoe heetten de middeleeuwse beestenboeken met echte en verzonnen dieren?
Bestiaria
Meestal was de inhoud ervan overgenomen uit oudere boeken.
Q 15Waar worden jaarlijks met name vele duizenden nieuwe diersoorten beschreven?
In biodiversiteitshotspots
Dieren behoren tot de meest complexe organismen op aarde.
Q 16Wat betekent het Latijnse werkwoord insecare, waarvan het woord insect is afgeleid?
Insnijden
Het Griekse éntomon verwijst naar hetzelfde kenmerk: het in drieën gedeelde lichaam.
Q 17In welk jaar schilderde Rembrandt de Anatomische Les van Dr. Nicolaes Tulp?
1632
Het schilderij illustreert de opkomst van het anatomisch onderzoek in de zoölogie van die tijd.
Q 18Wat bestudeert een malacoloog?
Weekdieren
De studie van afzonderlijke diergroepen wordt tot de bijzondere biologie gerekend.
Q 19Welke insecten maken soms een soort crèche waarin meerdere moeders de nimfen bewaken?
Wantsen
Bij veel andere insecten zijn de volwassen dieren al maanden dood als hun eitjes uitkomen.
Q 20Hoe worden insecten met een onvolledige gedaanteverwisseling genoemd?
Hemimetabool
Voorbeelden zijn sprinkhanen, krekels, wandelende takken, kakkerlakken en oorwormen, die zich via nimfen ontwikkelen.
Q 24Van welke kevers is de ritnaald of koperworm de larve?
Kniptorren
De engerling is de larve van bladsprietkevers en de emelt die van de langpootmug.
Q 25Welke dieren bestudeert de acarologie, een onderdeel van de arachnologie?
Mijten en teken
Onderdelen van de zoölogie zijn verder onder meer de ethologie, embryologie en neurobiologie.
Q 26Uit welke eeuw stamt de Physiologus, een boek vol beschrijvingen van vreemdsoortige dieren?
2e eeuw
De moderne zoölogie kent specialisaties waarin moleculaire technieken en data-analyse een grote rol spelen.
Q 27Hoe heet de voortplantingsvorm waarbij een insectenlarve niet één, maar twee keer verpopt?
Hypermetamorfose
Andere bijzondere vormen zijn maagdelijke voortplanting en gynandromorfisme.
Q 28Welke insecten komen al volledig verpopt ter wereld?
Luisvliegen
Bij de tseetseevlieg komen de eitjes al in het moederdier uit, zodat ze levendbarend lijkt.
Q 29Welke insectenorde kent de zogeheten traumatische inseminatie als paringsvorm?
Waaiervleugeligen
Het mannetje maakt daarbij een gat in het vrouwtje om zijn sperma af te geven.