Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Aspirine, de merknaam van acetylsalicylzuur, is een van de meest gebruikte medicijnen ter wereld. Het middel stilt pijn, verlaagt koorts en wordt in lage dosering voorgeschreven om hart en bloedvaten te beschermen. Deze quiz gaat over de lange weg van wilgenblad naar tablet, de strijd om de eer van de ontdekking bij Bayer, de werking in het lichaam, de bijwerkingen en de scheikunde achter de stof. Van makkelijk tot pittig: test wat je weet over het beroemdste pijnstillende middel uit de huisapotheek.
Alle 30 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Welke werking heeft acetylsalicylzuur naast pijnstillend en koortsverlagend?
Ontstekingsremmend
Onder de merknaam Aspirine was het middel lange tijd de meest gebruikte pijnstiller, tot een concurrent die plek overnam.
Q 02Welke pijnstiller schrijven artsen tegenwoordig liever voor dan aspirine bij eenvoudige pijn?
Paracetamol
Toch is acetylsalicylzuur nog steeds populair; het was lange tijd de meest gebruikte pijnstiller.
Q 03Welke organisatie nam aspirine op in haar lijst van essentiële geneesmiddelen?
WHO
Op die lijst staan de meest effectieve en veilige medicijnen die nodig zijn in de gezondheidszorg.
Q 04Waartegen wordt acetylsalicylzuur tegenwoordig in lage dosering zeer veel voorgeschreven?
Beroerten en hartinfarcten
Het middel belemmert het samenklonteren van bepaalde bloedcellen; dat effect treedt al op na een kwart tablet van 500 mg.
Q 05Voor welk familielid zou Felix Hoffmann naar een beter pijnstillend middel hebben gezocht?
Vader
Het verhaal over een zwaar reumatisch familielid is omstreden: het zou pas later zijn bedacht.
Q 06Welke bijwerking kan aspirine in hoge doseringen hebben naast maagbloedingen en doofheid?
Oorsuizen
Acetylsalicylzuur prikkelt de maag vrij sterk, waardoor bij gebruik ook gewone maagklachten kunnen ontstaan.
Q 07Welke aandoening wordt behandeld met een combinatie van acetylsalicylzuur en metoclopramide?
Migraine
De combinatie van beide stoffen wordt verkocht onder de merknaam Migrafin.
Q 08Op welke soort kanker lijkt aspirine het risico met name te verminderen?
Darmkanker
Dagelijks een lage dosis lijkt ook gunstig voor de levensduur van patiënten met een tumor in het spijsverteringskanaal.
Q 09Tot 21% van de patiënten met welke aandoening is overgevoelig voor acetylsalicylzuur?
Astma
Inname kan bij hen leiden tot rode plekken en jeuk, een loopneus en natte ogen, en in zeldzame gevallen tot een aanval.
Q 10Binnen hoeveel minuten begint aspirine als pijnstiller of koortsverlager meestal te werken?
30
Het effect op het bloed duurt veel langer dan de pijnstilling: dat houdt ongeveer een week aan.
Q 11Naar wie is het syndroom genoemd waardoor aspirine bij zeer jonge kinderen wordt afgeraden?
Reye
Ook tijdens zwangerschap en borstvoeding wordt het gebruik van acetylsalicylzuur afgeraden.
Q 12In welk jaar zou Felix Hoffmann acetylsalicylzuur in zuivere, bewaarbare vorm hebben gemaakt?
1897
De beschrijving in zijn laboratoriumdagboek zou op 10 augustus van dat jaar zijn genoteerd.
Q 13Bij welke ziekte bleek een eerder beweerd gunstig effect van aspirine niet aantoonbaar?
Alzheimer
Wel zou het middel een positieve werking hebben tegen onder meer hart- en vaatziekten.
Onder welke andere naam is merkloos acetylsalicylzuur ook bekend?
Q 21Van welk oud Duits woord voor salicylzuur is de merknaam Aspirine afgeleid?
Spirsäure
De A vooraan verwijst naar de acetylering van de stof; samengevoegd en verkort leverde dat de Duitse naam Aspirin op.
Q 22In welk jaar achterhaalde de Duitser Kolbe de chemische structuur van salicylzuur?
1859
Kolbe wist de stof bovendien zelf te synthetiseren, waarna aan productie op industriële schaal werd gewerkt.
Q 23In welke Duitse plaats stond het laboratorium van Bayer waar aspirine werd ontwikkeld?
Elberfeld
Daar werd een eerdere, vergeten vondst uit 1853 herontdekt en doorontwikkeld tot een toepasbaar medicijn.
Acetosal
De merknaam Aspirine is veel bekender dan de merkloze benamingen van dezelfde stof.
Q 15Welke afkorting duidt de groep geneesmiddelen aan waartoe aspirine wordt gerekend?
NSAID
De groep omvat niet-steroïde middelen; in 2008 kwam er een waarschuwing voor de wisselwerking van één ervan met lage doses aspirine.
Q 16Welk enzym remt aspirine om pijn, koorts en ontstekingen te onderdrukken?
Cyclo-oxygenase
Door die remming ontstaat er minder of geen prostaglandine, de stof die pijn verergert en koorts en ontstekingsreacties aanjaagt.
Q 17Welke nieuwe naam kreeg het Australische middel Nicholas Aspirin al snel?
Aspro
De maker kon het middel produceren omdat het patent op acetylsalicylzuur in zijn land niet gold.
Q 18Wie was volgens de labjournaals van Bayer de werkelijke ontdekker van acetylsalicylzuur?
Arthur Eichengrün
Vanwege zijn joodse achtergrond schrapten de nazi's hem uit de annalen; Bayer zelf sprak de nieuwe lezing in een persbericht tegen.
Q 19Welke pijnstiller verhindert de beschermende werking van aspirine op hart en bloedvaten?
Ibuprofen
De registratieautoriteiten waarschuwden in 2008 voor deze wisselwerking, die uniek is binnen de geneesmiddelgroep.
Q 20Welk volk behandelde rond 2000 voor Christus al pijnlijke gewrichten met wilgenbladeren?
Assyriërs
Ook Egyptische geschriften van rond 1550 voor Christus beschrijven een brouwsel van wilgenbladeren tegen pijn en ontstekingen.
Q 24Met hoeveel mg acetylsalicylzuur komt 100 mg carbasalaatcalcium overeen?
80
Dit calciumzout moet in het lichaam eerst worden gesplitst voordat het werkzaam is; maagbloedingen komen er net zo vaak bij voor.
Q 25Met welke stof wordt salicylzuur in het lab veresterd tot acetylsalicylzuur?
Azijnzuuranhydride
De reactie verloopt in een zuur milieu en vergt maar één synthesestap; op laboratoriumschaal levert ze enkele grammen op.
Q 26Wat voor soort verbinding bleek salicine te zijn volgens Raffaele Piria in 1838?
Glycoside
Piria splitste het suikerachtige deel van het molecuul af en verkreeg zo voor het eerst salicylzuur.
Q 27Op welke oogaandoening lopen dagelijkse gebruikers van acetylsalicylzuur twee keer meer kans?
Maculadegeneratie
Vooral ouderen lopen dit risico; de aandoening leidt op den duur tot slechtziendheid.
Q 28Welke chemicus verkreeg in 1853 voor het eerst acetylsalicylzuur?
Charles Frédéric Gerhardt
Zijn stof was onzuiver en instabiel, en destijds had niemand er belangstelling voor.
Q 29Welke stof zet het enzym COX in lichaamscellen om in prostaglandine?
Arachidonzuur
Prostaglandine werkt alleen in de buurt van de plek waar het is geproduceerd en wordt daarna afgebroken.
Q 30Met welke arts zou Felix Hoffmann de nieuwe stof uitgebreid op dieren hebben getest?
Heinrich Dreser
Na die proeven kwam het middel in 1899 als poeder op de markt; een jaar later volgden gedoseerde tabletten.