Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
De oudheid begint met de uitvinding van het schrift en loopt van de eerste Sumerische stadstaten via het Perzische Rijk en de Griekse poleis tot de val van het West-Romeinse Rijk in 476. Deze quiz test je kennis van die lange periode: Sargon van Akkad, Cyrus de Grote, Caesar, de keizers en de erfenis van de antieke wereld in onze taal en architectuur. Een groot deel van de vragen gaat over Alexander de Grote: zijn afkomst, zijn veldtocht tot aan de Indus, de antieke bronnen over zijn leven en de archeologische vondsten van de laatste eeuw.
Alle 29 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Wie werd als adoptiefzoon van Caesar de eerste Romeinse keizer?
Augustus
Zijn bewind volgde op de burgeroorlog die uitbrak na de moord op zijn adoptiefvader.
Q 02Met welke gebeurtenis begint de oudheid van een beschaving?
Introductie van het schrift
De periode ervoor heet de prehistorie; spreekt een ander volk al eerder over de beschaving, dan spreekt men van protohistorie.
Q 03Met welk gebied breidde Julius Caesar het Romeinse Rijk uit?
Gallië
Caesar beweerde op te komen voor de belangen van het volk en versloeg zijn Romeinse tegenstanders, waarna een nieuwe burgeroorlog volgde.
Q 04Welke beschaving wordt als de eerste beschaving ter wereld gezien?
Sumerische
Ze ontstond rond 4500 v.Chr. in de vruchtbare sikkel, waar zo'n 10.000 jaar geleden de landbouw was uitgevonden.
Q 05Hoe heet de periode die op de veroveringen van Alexander de Grote volgde?
het hellenisme
Na Alexanders dood viel zijn rijk uiteen in elkaar bestrijdende diadochenrijken, geleid door zogenaamde diadochen.
Q 06Op welke datum werd Julius Caesar door senatoren vermoord?
15 maart 44 v.Chr.
Hij had zich tot dictator voor het leven laten benoemen; moord was toen een gangbare manier om tegenstanders van de Senaat uit de weg te ruimen.
Q 07In welk jaar werd Constantinopel veroverd door de Turken?
1453
Het Oost-Romeinse Rijk had onder Justinianus een opleving beleefd en bestond als Byzantijnse Rijk nog bijna duizend jaar.
Q 08Wie regisseerde de film ‘Alexander’ uit 2004, geïnspireerd door de boeken van Robin Lane Fox?
Oliver Stone
Net als de boeken van Lane Fox geeft de film een verontschuldigend beeld van een Alexander die zich steeds meer inliet met de Perzische decadentie.
Q 09In welke stad stierf Alexander de Grote in 323 v.Chr.?
Babylon
Hij had nog plannen om Arabië te veroveren; na zijn dood bevochten zijn generaals elkaar in de Diadochenoorlogen.
Q 10In welke stad werd Alexander de Grote geboren?
Pella
Zijn vader was koning Philippus II uit de dynastie van de Argeaden; mozaïeken uit deze stad tonen waarschijnlijk Alexander op jacht.
Q 11Welke Perzische vorst verenigde als eerste het hele Nabije Oosten onder één rijk?
Cyrus de Grote
Zijn opvolgers probeerden tevergeefs Griekenland te veroveren; alleen zo'n externe dreiging kon de Griekse stadstaten tijdelijk verenigen.
Q 12Welke Perzische sjah stootte Alexander de Grote van de troon?
Darius III
Een Babylonisch tablet van 1 oktober 331 v.Chr. vermeldt zijn vlucht naar Medië na de beslissende veldslag.
Q 13Welke keizer stond in 312 het christendom toe en verplaatste de hoofdstad naar Byzantium?
Constantijn de Grote
Daarmee verloor de stad Rome haar aloude status als glorieuze hoofdstad van het Imperium Romanum.
Q 21Welke periode wordt vaak de klassieke oudheid genoemd?
750 v.Chr. tot 500 na Chr.
Het begrip slaat op de Griekse en Romeinse beschavingen en laat de eerdere Mesopotamische en Egyptische beschavingen buiten beschouwing.
Q 22Wie was rond 2300 v.Chr. de eerste persoon in de geschiedenis die een rijk opbouwde?
Sargon van Akkad
Na hem volgden de rijken elkaar op, tot een Perzische vorst in de zesde eeuw v.Chr. het hele gebied voor het eerst onder één rijk verenigde.
Q 23Welke keizer voerde een administratieve splitsing van het Romeinse Rijk in?
Diocletianus
Q 14Welk volk zette aan het eind van de vierde eeuw de Grote Volksverhuizing in gang?
Hunnen
Het West-Romeinse Rijk werd daardoor overspoeld door Germaanse volkeren en viel uiteindelijk in 476.
Q 15Onder welke keizer bereikte het Romeinse Rijk in 117 zijn grootste omvang?
Trajanus
In de derde eeuw begon het rijk onder invallen van de Germanen en interne instabiliteit te verzwakken.
Q 16Van welk volk stamt het zestigtallig stelsel dat nog in ons uurwerk zit?
Sumeriërs
Ook in de astronomie en in ons systeem van hoekmetingen is dit talstelsel nog terug te vinden.
Q 17Wie was de moeder van Alexander de Grote?
Olympias
Zij was een prinses van Epirus uit de dynastie van de Aeaciden; volgens een legende sliep ze in het bijzijn van slangen.
Q 18Waar kwam de veroveringstocht van Alexander de Grote tot staan?
aan de westoever van de Indus
Dat punt ligt in het huidige Pakistan; de veroveringen brachten naast slachtpartijen een ongekende culturele uitwisseling teweeg.
Q 19Welke keizer maakte rond 380 het christendom tot staatsgodsdienst?
Theodosius
Na zijn dood in 395 viel het rijk definitief uiteen in twee delen.
Q 20Welk Nederlands woord is van Sumerische of Babylonische herkomst?
katoen
Ook koper en cyanide hebben zo'n oosterse oorsprong; de invloed van de oude oosterse beschavingen op het dagelijks leven is nog groot.
Die indeling leidde in later eeuwen tot een feitelijke splitsing in een westelijk en een oostelijk deel.
Q 24Welke slag won Alexander de Grote tijdens zijn veldtocht in de Indusvallei?
Slag bij de Hydaspes
Na de overwinning op Poros werd een gouden munt geslagen met Alexanders hoofd, bedekt met een olifantenscalp en de horens van Amon.
Q 25Vanaf welke eeuw verzamelden humanisten systematisch Griekse en Latijnse handschriften?
Veertiende eeuw
Eerder kwamen veel Griekse wetenschappelijke teksten het Latijnse Westen binnen via Latijnse vertalingen uit het Arabisch.
Q 26In welk jaar werd in Sumer het schrift uitgevonden?
3300 v.Chr.
Tegelijk ontstonden daar de eerste stadstaten; de gezamenlijke oorsprong van de westerse beschavingen ligt bij die uitvinding in het Nabije Oosten.
Q 27In welk jaar versloegen de Romeinen Macedonië en annexeerden ze Griekenland?
146 v.Chr.
In de tweede eeuw v.Chr. brak in het Romeinse Rijk bovendien een periode van burgeroorlogen aan die ongeveer honderd jaar zou duren.
Q 28In welk jaar vertrok Alexander de Grote naar Azië voor zijn veldtocht?
334 v.Chr.
De veldtocht zou tien jaar duren; in 326 v.Chr. weigerden zijn soldaten nog verder te gaan, waarna hij besloot terug te keren.
Q 29Welke Duitse historicus, leerling van Hegel, muntte de term ‘hellenistisch’?
Johann Gustav Droysen
Zijn Geschiedenis van Alexander de Grote uit 1833 markeert het begin van gedegen wetenschappelijk onderzoek naar Alexander.