Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Het Nieuwe Testament is het tweede deel van de christelijke Bijbel: 27 boeken, allemaal in het Grieks geschreven, met de komst van Jezus als middelpunt. Evangeliën, Handelingen, brieven en de Openbaring vormen samen een van de invloedrijkste werken uit de wereldliteratuur. Deze quiz test wat je weet over de opbouw en het ontstaan van het Nieuwe Testament, over de canonvorming en over de apostel Paulus: zijn bekering, zijn zendingsreizen, zijn brieven en zijn dood in Rome. Speel direct online of print de vragen uit voor een quizavond.
Alle 29 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Naar welke stad was Paulus onderweg toen hij rond 33 n.Chr. volgens Handelingen werd bekeerd?
Damascus
Handelingen geeft drie versies: in de ene hoorden zijn reisgenoten wel maar zagen ze niets, in een andere zagen ze wel maar hoorden ze niets.
Q 02Hoe heet het laatste boek van het Nieuwe Testament, dat overwegend apocalyptisch van aard is?
Openbaring
In zinnebeeldige taal schetst het hoe het er in de eindtijd aan toe zal gaan; de auteur noemt zichzelf Johannes, maar wordt niet meer met de apostel vereenzelvigd.
Q 03Uit hoeveel boeken bestaat het Nieuwe Testament?
27
Het Oude Testament, ook wel de Hebreeuwse Bijbel genoemd, vormt het eerste deel van de christelijke Bijbel; samen vormen beide delen de basis van het christelijk geloof.
Q 04In welke stad eindigt het boek Handelingen met de prediking van Paulus?
Rome
De opbouw toont een programma: het evangelie gaat van de beslotenheid van het Joodse volk naar de heidenen, met de wereldstad als symbool van die laatste groep.
Q 05In welke stad werd de apostel Paulus geboren?
Tarsus
De stad ligt in Cilicië, in de zuidoostelijke hoek van Klein-Azië; volgens Handelingen was hij een 'zoon van een Farizeeër'.
Q 06Welk ambacht had Paulus volgens Handelingen geleerd?
tenten maken
Hij beriep zich erop dat hij voor zijn eigen brood zwoegde; omdat arbeidslieden dat zelden doen, was hij vermoedelijk voor een hogere functie opgeleid.
Q 07Met welke gebeurtenis opent het boek Handelingen van de apostelen?
Hemelvaart van Jezus
Direct daarna volgt de uitstorting van de Heilige Geest met Pinksteren, en vervolgens het ontstaan en de groei van de eerste gemeente in Jeruzalem.
Q 08Bij de steniging van welke volgeling van Jezus bewaakte Saulus de mantels van zijn kompanen?
Stefanus
Daarna werd hij een actieve vervolger van de volgelingen van Jezus; zijn eigen brieven bevestigen dat hij 'de gemeente van God' vervolgde.
Q 09Van welk evangelie vormt het boek Handelingen volgens de gangbare opvatting het tweede deel?
Lucas
Beide werken stammen van dezelfde auteur en worden rond 80-90 n.Chr. gedateerd; in het eerste deel van Handelingen staat de apostel Petrus centraal.
Q 10Op welke plek in Athene hield Paulus zijn prediking?
de Areopagus
Ze kwamen er via Berea, het huidige Veroia in Zuidwest-Macedonië; daarna reisde Paulus door naar Korinthe.
Q 11Welke term gebruikt men voor de drie evangeliën die veel dezelfde passages bevatten?
synoptisch
Het vierde evangelie, dat volgens Johannes, wijkt qua stijl en opzet duidelijk af van de drie andere en valt buiten deze groep.
Q 12Welk concilie uit 44-49 n.Chr. boog zich over de Wet van Mozes voor bekeerde heidenen?
Jeruzalem
Joodse christenen eisten dat heidenen zich lieten besnijden en de spijswetten hielden; uit de brieven van Paulus blijkt dat het conflict daarna bleef spelen.
Q 13Wat betekent de term 'katholiek' in de aanduiding katholieke brieven?
Universeel
Deze brieven zijn aan de Kerk als geheel gericht; ze zijn zeer waarschijnlijk of zeker pseudepigrafisch en die van Johannes noemen geen afzender.
Q 21Op welke manier zijn de brieven van Paulus in het Nieuwe Testament geordend?
Naar lengte
De langste brief staat vooraan en de kortste achteraan; de onbetwiste brieven zijn ouder dan de evangeliën, hoewel ze er in de Bijbel na komen.
Q 22Van hoeveel brieven op naam van Paulus is het auteurschap in de Bijbelwetenschap onbetwist?
7
Vooral het auteurschap van de brieven aan de Efeziërs, de Kolossenzen en de tweede brief aan de Tessalonicenzen wordt betwijfeld.
Q 23Welke drie brieven op naam van Paulus worden samen de Pastorale brieven genoemd?
1 en 2 Timoteüs en Titus
Q 14Welke latere reisgenoot ontmoette Paulus in Lystra tijdens zijn tweede zendingsreis?
Timoteüs
Na een visioen reisden ze door naar Macedonië en vervolgens via Philippi en Berea naar Athene.
Q 15Welk evangelie geldt als het oudste en diende als bron voor Matteüs en Lucas?
Marcus
Het wordt gedateerd op circa 65-70 n.Chr., terwijl het vierde evangelie, dat volgens Johannes, pas rond 90-110 n.Chr. ontstond.
Q 16Hoe heten vroege geschriften op naam van een apostel die niet in de canon werden opgenomen?
apocriefen
Canoniciteit werd bepaald aan de hand van veronderstelde apostolische oorsprong, gebruik in de liturgie en overeenstemming met de apostolische traditie.
Q 17Wie leidde volgens Handelingen de eerste zendingsreis, die Paulus vanuit Antiochië naar Cyprus bracht?
Barnabas
Paulus ondernam volgens Handelingen drie grote zendingsreizen; de eerste voerde via Cyprus naar zuidelijk Klein-Azië en weer terug naar het vertrekpunt.
Q 18Hoe heten geschriften die niet zijn geschreven door degene wiens naam ze dragen?
pseudepigrafen
Alle katholieke brieven gelden als zeer waarschijnlijk of zeker van deze soort, en ook de drie Pastorale brieven worden ertoe gerekend.
Q 19Welke gezel vergezelde Paulus op zijn tweede zendingsreis na het geschil in Antiochië?
Silas
De reis vertrok rond de herfst van 49 vanuit Jeruzalem, direct na het concilie daar, en voerde via Derbe en Lystra naar Macedonië.
Q 20Welke reformator stelde in zijn Institutie dat Oude en Nieuwe Testament hetzelfde verbond delen?
Calvijn
De verschillen tussen beide testamenten doen in zijn ogen in geen enkel opzicht afbreuk aan de eenheid ertussen; alleen de uitvoering van het verbond verschilt.
Ze dateren van circa 100 n.Chr. en zijn waarschijnlijk onder Paulus' gezaghebbende naam geschreven om nieuwe problemen in de gemeenschappen het hoofd te bieden.
Q 24Bij wie genoot Paulus volgens Handelingen zijn opleiding?
Gamaliël
Hij bezat volgens Handelingen ook het Romeinse staatsburgerschap door geboorte, al wordt daaraan door sommige onderzoekers getwijfeld.
Q 25Welke naam draagt de verloren gegane bron die naast het oudste evangelie zou zijn gebruikt?
Q
De evangeliën zijn anoniem; de vroege toeschrijving aan apostelen en leerlingen is volgens historisch-kritisch onderzoek onhoudbaar gebleken.
Q 26Hoe lang bleef Paulus bij Petrus toen hij drie jaar na zijn bekering naar Jeruzalem ging?
twee weken
Bij dat bezoek ontmoette hij ook Jakobus, 'de broer van de Heer'; pas bij een later bezoek zou hij zijn eigen evangelie inhoudelijk toelichten.
Q 27Welke Alexandrijn was bepalend in de beslissende fase van de canonisering in de 4e eeuw?
Athanasius
Al aan het einde van de 2e eeuw bestond een canon die niet veel van de huidige verschilde; apostolische oorsprong en gebruik in de liturgie bepaalden de canoniciteit.
Q 28Welke kerkvader schreef over de Brief aan de Hebreeën dat alleen God weet wie haar schreef?
Origenes
De brief claimt zelf niet van Paulus te zijn, maar kreeg door de vroege toeschrijving aan hem toch een apostolische origine.
Q 29Wie formuleerde de stelling 'Novum Testamentum in Vetere latet, et in Novo Vetus patet'?
Augustinus van Hippo
Apologeten betoogden na de afsplitsing van het jodendom dat de Joodse wet een voorafschaduwing was van wat in het christendom vervuld zou worden.