Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Een virus is een microscopisch klein deeltje dat zich alleen in levende cellen kan vermenigvuldigen. Virussen infecteren dieren, planten, schimmels en bacteriën, en zijn ongeveer honderd keer kleiner dan een bacterie. Deze quiz gaat over hun bouw en genoom, de replicatiecyclus, de afweer van mens en bacterie, en de ontdekkingsgeschiedenis van Beijerinck tot Montagnier. Ook pandemieën, vaccins, antivirale middelen en moderne toepassingen zoals virotherapie komen aan bod.
Alle 30 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01In welke stad ontstond in november 2019 het coronavirus SARS-CoV-2?
Wuhan
Het virus verspreidde zich in hoog tempo over de continenten; het internationale verkeer werd stilgelegd en in dichtbevolkte steden golden lockdowns.
Q 02Hoe heten virussen die bacteriën infecteren?
Bacteriofagen
Ze zijn buitengewoon talrijk in vrijwel alle ecosystemen, vooral in het water, en worden in sommige landen ingezet als alternatief voor antibiotica.
Q 03Welke grieppandemie uit 1918 eiste tientallen miljoenen slachtoffers?
Spaanse griep
Opmerkelijk was dat ook gezonde jongvolwassenen ernstig ziek werden, terwijl andere griepuitbraken vooral ouderen en mensen met een verzwakt immuunsysteem treffen.
Q 04Welk alledaags middel kan de envelop van een virus vernietigen?
Zeep
Bekende virussen met een envelop zijn influenzavirussen, hiv en coronavirussen; zonder envelop wordt het deeltje inactief.
Q 05Hoe heet de eiwitmantel rond het genetisch materiaal van een virus?
Capside
Sommige virussoorten hebben daaromheen nog een buitenomhulsel van lipiden, de envelop, dat uit het celmembraan van de gastheer wordt gevormd.
Q 06Welke twee virusziekten zijn dankzij vaccinatie uitgeroeid?
Pokken en runderpest
Van ziekten als polio, mazelen, bof en rodehond zijn het aantal zieken en het sterftecijfer door vaccinatie drastisch gedaald.
Q 07Wat betekent het Latijnse woord virus?
Slijm of gif
In het Nederlands werd het woord vanaf de 17e eeuw gebruikt voor vergiftigde etter of giftig vocht; pas rond 1930 tot 1940 ging het de kleine ziekteverwekker aanduiden.
Q 08Welk virus veroorzaakt baarmoederhalskanker?
Humaan papillomavirus
Tijdens een infectie integreert het virale genoom in het DNA van de gastheercel, waardoor genen voor celgroei ontregeld kunnen raken; vaccinatie vermindert de frequentie.
Q 09Hoeveel keer kleiner dan bacteriën zijn de meeste virussen ongeveer?
100
Door hun geringe afmetingen zijn virussen niet zichtbaar met een lichtmicroscoop.
Q 10Over welk speciaal enzym beschikken retrovirussen?
Reverse-transcriptase
Het enzym maakt een DNA-molecuul op basis van een RNA-sjabloon; dat DNA integreert vervolgens in een chromosoom van de gastheer.
Q 11Hoe heet een compleet virusdeeltje zoals het buiten de gastheercel voorkomt?
Virion
Zo'n deeltje bestaat uit een nucleïnezuur in een beschermende eiwitmantel, bij sommige soorten nog omgeven door een envelop van lipiden.
Q 12Welke Nederlandse microbioloog concludeerde in 1898 dat er een nieuw soort pathogeen in het filtraat zat?
Martinus Beijerinck
Hij noemde het een contagium vivum fluidum, een levend, oplosbaar besmettingsmiddel; het duurde meer dan tien jaar voordat zijn ontdekking breed werd geaccepteerd.
Q 13Hoe heet het fenomeen dat een virus maandenlang slapend in het menselijk lichaam circuleert?
Latentie
Q 21Welke Russische bioloog liet besmettelijk plantensap door een filter gaan dat bacteriën tegenhield?
Dmitri Ivanovski
Ook na filtratie bleef het sap besmettelijk, wat de hypothese van Adolf Mayer over onzichtbaar kleine bacteriën onderuithaalde.
Q 22Hoe heet het proces waarbij genetisch materiaal van twee virussen vermengd raakt tot een nieuw genoom?
Antigene shift
In zeldzame gevallen kan dit proces een pandemie veroorzaken; het verloopt vooral gemakkelijk bij virussen met een gesegmenteerd genoom.
Q 23Welke Nobelprijswinnaar bedacht in 1971 een zevengroepig classificatiesysteem voor virussen?
David Baltimore
Het komt voor bij herpesvirussen zoals het epstein-barrvirus (ziekte van Pfeiffer) en het varicellazostervirus (waterpokken en gordelroos).
Q 14Welke vorm hebben de meeste virussen die dieren infecteren?
Regelmatig twintigvlak
Die vorm is de gunstigste manier om uit identieke subeenheden een stabiele, gesloten mantel te bouwen; het rotavirus heeft er zoveel dat het bolvormig lijkt.
Q 15Welk virus kan muggen, vogels, paarden én mensen infecteren?
Westnijlvirus
De meeste virussen zijn juist gespecialiseerd op een beperkt aantal gastheren; het mazelenvirus is zelfs geheel op de mens gespecialiseerd.
Q 16Onder welke naam staat het afweersysteem bekend waarmee bacteriën fragmenten van faag-DNA opslaan?
CRISPR
Bij een tweede infectie blokkeren de bacteriën de replicatie via een vorm van RNA-interferentie, vergelijkbaar met de verworven immuniteit van dieren.
Q 17Tussen welke waarden ligt de diameter van een virus gewoonlijk?
20 en 300 nanometer
Daardoor zijn de meeste virussen niet met een lichtmicroscoop waar te nemen; onderzoekers gebruiken elektronenmicroscopen om hun structuur te ontrafelen.
Q 18In welk jaar werd het ebolavirus voor het eerst vastgesteld?
1976
Sindsdien heeft het virus met tussenpozen uitbraken met hoge sterftecijfers veroorzaakt, het ernstigst in West-Afrika tussen 2013 en 2016.
Q 19Welke parasitaire bacterie kan zich, net als virussen, alleen in gastheercellen voortplanten?
Chlamydia
Zulke organismen verloren tijdens hun evolutie eigenschappen om zelfstandig te leven, wat de reductiehypothese over het ontstaan van virussen steunt.
Q 20Hoge waarden van welk antilichaam in het bloed wijzen meestal op immuniteit?
IgG
Antilichamen binden zich specifiek aan de eiwitmantel van het virus, waarna het deeltje niet langer infectieus is.
Het systeem is gebaseerd op de structuur van het genoom en de manier waarop het virus messenger-RNA aanmaakt; het wordt naast de ICTV-classificatie gebruikt.
Q 24Welk reuzenvirus heeft een eiwitmantel van meer dan 400 nm breed met een draderig oppervlak?
Mimivirus
Reuzenvirussen zijn zo groot dat sommige soorten eerst voor bacteriën werden aangezien; dit exemplaar heeft zelfs genen voor een rudimentaire stofwisseling.
Q 25Tot welke klasse behoren de meeste antivirale middelen die op de markt zijn gebracht?
Nucleosideanalogen
Zodra zo'n op een DNA-bouwsteen lijkend molecuul is ingebouwd, stopt de polymerisatie van de keten; bekende voorbeelden zijn aciclovir en remdesivir.
Q 26Uit hoeveel subeenheden bestaat een icosaëdrische virusmantel minimaal?
twaalf
Elk van die subeenheden is zelf weer samengesteld uit een vast aantal identieke subunits; het rotavirus heeft er veel meer en lijkt daardoor bolvormig.
Q 27Welke Amerikaan kristalliseerde in 1935 het deeltje dat nu als tabaksmozaïekvirus bekendstaat?
Wendell Stanley
Niet lang daarna werd de elektronenmicroscoop uitgevonden, waarmee virussen voor het eerst zichtbaar konden worden gemaakt.
Q 28In welk land veroorzaakte het marburgvirus in april 2005 een veelbesproken uitbraak?
Angola
Het marburgvirus werd in 1967 ontdekt en behoort tot de filovirussen, draadvormige virussen die hemorragische koorts veroorzaken.
Q 29In welk jaar werd het International Committee on Taxonomy of Viruses (ICTV) opgericht?
1966
Het comité wil een consensus-gebaseerde taxonomie die de evolutie van virussen weerspiegelt; vanaf 2018 werd het systeem grondig herzien.
Q 30Hoeveel complete virusgenoomsequenties telde de database van het NCBI in 2020 ruim?
190.000
Hoewel er miljoenen verschillende virussen in de natuur voorkomen, zijn er slechts enkele duizenden in detail beschreven.