Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Wetenschap is systematisch verkregen, geordende en verifieerbare kennis. Van de eerste kleitabletten in Mesopotamië tot de replicatiecrisis van vandaag: de manier waarop mensen de wereld onderzoeken is voortdurend veranderd. Deze quiz combineert vragen over de geschiedenis en de spelregels van de wetenschap met vragen over de dampkring: waaruit de lucht bestaat, hoe de lagen heten en wat er gebeurt op grote hoogte. Geschikt voor nieuwsgierige kinderen, maar met genoeg pittige vragen om ook volwassenen te verrassen.
Alle 27 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01Hoe wordt de atmosfeer om de aarde ook wel genoemd?
Dampkring
Dit gasmengsel tempert het zonlicht en houdt, samen met de zeestromen, via het weer de energiebalans van de planeet in stand.
Q 02Waardoor is het gasmengsel van de atmosfeer aan de aarde gebonden?
Door de zwaartekracht
Dat mengsel van gassen draait ook mee met de aardrotatie en is onmisbaar: zonder atmosfeer zou leven op aarde niet mogelijk zijn.
Q 03Zand uit welke woestijn is aangetroffen tot boven Nederland en Scandinavië?
Sahara
Ook boven de Antillen en de Britse eilanden is dit over zee meegevoerde zand teruggevonden.
Q 04Welke beschermende laag bevindt zich in de stratosfeer?
Ozonlaag
De grenzen tussen de luchtlagen heten pauzes; ze verlopen niet scherp en liggen op de polen vaak lager dan op de evenaar.
Q 05Tegen welke schadelijke straling beschermt de atmosfeer het leven op aarde?
Ultraviolette straling
Het aardmagnetisch veld helpt mee bij die bescherming; ook gammastraling wordt zo grotendeels tegengehouden.
Q 06Wat doet land, vergeleken met water, als de zon erop schijnt?
Warmt sneller op
Land koelt ook weer sneller af, waardoor de luchttemperatuur boven land sterker varieert dan boven zee.
Q 07Hoe hoog is de luchtdruk op zeeniveau gemiddeld?
1013 hPa
De druk neemt af met de hoogte doordat er steeds minder botsende gasmoleculen zijn; op 11 km is de lucht nog maar 0,4 kg/m³ dicht.
Q 08Wie publiceerde ‘De revolutionibus orbium coelestium’, over de omwenteling der hemellichamen?
Nicolaus Copernicus
De copernicaanse revolutie verplaatste het middelpunt van het heelal van de aarde naar de zon, tegen het oude geocentrische wereldbeeld in.
Q 09Waardoor bevatte de atmosfeer van de pas ontstane aarde veel koolstofdioxide?
Vulkanische uitstoot
Dat aandeel daalde later sterk, waarna het zuurstofpercentage steeg en meercellig leven mogelijk werd.
Q 10Welke filosoof beschreef de socratische methode om via weerlegging tot waarheid te komen?
Plato
De methode begint met een schijnweten dat door onderzoek wordt weerlegd, zodat eerst het niet-weten wordt erkend en daarna de vraag opnieuw wordt opgenomen.
Q 11Wie houden samen het zuurstofgehalte van het ecosysteem aarde op peil?
Landplanten en algen
Beide hebben in de zuurstofproductie een ongeveer even groot aandeel; de ene groep werkt op het land, de andere in de oceanen.
Q 12Na de komst van welk soort leven werd het aandeel koolstofdioxide in de lucht veel lager?
Fotosynthetiserende organismen
Voor vrijwel alle meercellige organismen is atmosferische dizuurstof een essentiële levensvoorwaarde, nodig voor de celademhaling.
Q 13Welke filosoof kwam met een analytische methode en leidde het rationalisme in?
René Descartes
Q 21Met hoeveel procent nam de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer toe tussen 1959 en 2016?
26%
De concentratie steeg in die periode van 316 ppm naar 404 ppm, een volumepercentage van 0,0404%.
Q 22Waar werd in december 2011 de hoogste luchtdruk ooit gemeten?
In Mongolië
Die recordwaarde bedroeg 1084,4 hPa, terwijl de druk op zeeniveau meestal tussen 940 en 1060 hPa schommelt.
Q 23Hoe heet de hoeveelheid licht die op een stukje aardoppervlak invalt?
Insolatie
Rond de evenaar is die waarde veel hoger dan rond de polen, waar het zonlicht op een groter gebied valt.
Tegenover dat denken predikten Berkeley, Locke en Hume het empirisme, terwijl Kant met een criticisme kwam en Hegel met de dialectiek.
Q 14In welke laag van de atmosfeer bevindt zich bijna al het vocht en ijs?
Troposfeer
Hier speelt zich het warmtetransport via verdamping en condensatie af, waarmee warmte van warme delen van de aarde naar koelere streken gaat.
Q 15Hoe heet het theoretische model van de atmosfeer met vaste waarden voor druk en temperatuur?
Standaardatmosfeer
Het model is ingevoerd om in de luchtvaart en de wetenschap metingen te kunnen vergelijken, en legt ook viscositeit en dichtheid vast.
Q 16Welke wetenschapsfilosoof beschreef de ontwikkeling van kennis in de vorm van paradigma's?
Thomas Kuhn
Waarnemingen die niet met bestaande modellen te verklaren zijn, heten anomalieën; leiden die tot een nieuw paradigma, dan boekt de wetenschap vooruitgang.
Q 17Tot welke hoogte blijven de volumeverhoudingen van de gassen in de lucht vrijwel constant?
90 km
Alleen het aandeel van vocht wisselt sterk; nog hoger vallen moleculen onder invloed van energierijke straling uiteen in atomen en ionen.
Q 18Welk jaar wordt wel genoemd als het begin van de wetenschappelijke revolutie?
1543
In dat jaar verschenen zowel een baanbrekend werk over de omwenteling der hemellichamen als het eerste complete boek over de menselijke anatomie.
Q 19Tot op welke hoogte reikt de uiterste grens van de aardatmosfeer ongeveer?
10.000 km
De hoogtes van de luchtlagen zijn niet overal gelijk en variëren ook met de dagelijkse en jaarlijkse gang.
Q 20Hoe groot is de dichtheid van de lucht op zeeniveau ongeveer?
1,3 kg/m³
Op 5500 m hoogte is de lucht al bijna half zo dicht; samen met de samenstelling bepaalt die dichtheid de luchtdruk.
Q 24Welk deel van de verontreinigingen wordt nat, via uitregenen, uit de atmosfeer verwijderd?
80 tot 90%
De rest wordt droog weggevangen door vegetatie; verkeer, industrie en bosbranden zorgen voor veel van die vervuiling.
Q 25Hoe heet het proces waarbij boven 90 km moleculen O2 en N2 uiteenvallen in atomen en ionen?
Fotodissociatie
Energierijke uv-straling drijft dit proces aan en verandert zo de samenstelling van de lucht op grote hoogte.
Q 26Welke Oostenrijkse natuurkundige noemde een ontoetsbare theorie ‘nicht einmal falsch’?
Wolfgang Pauli
Een foute bewering kan volgens deze gedachte wél nuttig zijn, omdat ze tot een betere theorie kan leiden.
Q 27Tegenover wiens verificatietheorie stelde Popper zijn falsificatietheorie?
Rudolf Carnap
Volgens Popper kan een theorie nooit bewezen worden, maar wel weerlegd door een betrouwbare, herhaalde waarneming die er niet mee klopt.