Met AI in het Nederlands gemaakt op basis van onze Engelse quiz; de bronnen verwijzen naar de Nederlandse Wikipedia.
Wetenschap is systematisch verkregen, geordende en verifieerbare kennis, én de gemeenschap van onderzoekers die deze kennis verzamelt, toetst en weerlegt. Deze quiz volgt de geschiedenis van het wetenschappelijke denken: van de kleitabletten van Mesopotamië via de middeleeuwse universiteiten tot Popper, Kuhn en de replicatiecrisis van nu. Daarnaast duik je in de fotosynthese: chlorofyl, fotosystemen, C4-planten en de experimenten van Van Helmont, Priestley, Ingenhousz en Calvin die het proces stap voor stap ontrafelden.
Alle 30 vragen met antwoorden en uitleg. Speel de quiz
Q 01In welke reservestof zetten planten een deel van de bij fotosynthese gevormde glucose om?
Zetmeel
De rest van de glucose dient als bouwstof voor de groei en als energiebron voor de stofwisseling, of wordt gebruikt voor andere biomoleculen.
Q 02Hoe worden de sociale wetenschappen, zoals sociologie en psychologie, ook wel genoemd?
Gammawetenschappen
De geesteswetenschappen heten ook wel alfawetenschappen en de natuurwetenschappen bètawetenschappen of exacte wetenschappen.
Q 03Welke bacterie geldt als de belangrijkste oorzaak van maagzweren?
Helicobacter pylori
Het is een voorbeeld van een definitief wetenschappelijk resultaat; in andere gevallen blijft wetenschap zich verbreden en corrigeren, zoals met CRISPR-Cas om DNA te veranderen.
Q 04In welk huidig land lag Sumer, waar de oudste overleveringen uit het Nabije Oosten vandaan komen?
Irak
Rond 3500 v.Chr. begonnen de Mesopotamische volkeren hun boekhouding van vee vast te leggen in getallen, en ze hielden zich ook al met wiskunde bezig.
Q 05In welke delen van het zichtbare spectrum absorbeert chlorofyl vooral licht?
Blauw en rood
Doordat juist die kleuren worden opgenomen, zien planten en algen er groen uit.
Q 06In welk jaar viel Constantinopel, waardoor klassieke wetenschappelijke teksten werden herontdekt?
1453
Rond dezelfde tijd werd de boekdrukkunst uitgevonden, wat het onderwijs democratiseerde en de verspreiding van ideeën enorm versnelde.
Q 07Waar zitten de chloroplasten bij cactussen en Euphorbia's, die zijn aangepast aan droogte?
In de stam
Bij de meeste planten hebben alle groene delen bladgroenkorrels, maar het overgrote deel zit in de bladeren.
Q 08Onder welke heerser werden in de vroege middeleeuwen scholen opgebouwd om kennis over te dragen?
Karel de Grote
Door invallen, oorlogen en volksverhuizingen gingen in West-Europa de meeste klassieke wetenschappelijke verhandelingen verloren; kloosters en abdijen hielden onderwijs en cultuur overeind.
Q 09Welke filosoof leidde met een analytische methode het rationalisme in?
René Descartes
Plato beschreef eerder al de socratische methode: via schijnweten en weerlegging eerst erkennen dat je niet weet, om daarna de waarheid te zoeken.
Q 10Welke stelling staat in toegepaste vorm op het Mesopotamische kleitablet Plimpton 232?
Pythagoras
Het kleitablet van omstreeks 1900 v.Chr. bevat pythagorese drietallen als (3,4,5) en (5,12,13), maar geen abstracte formulering van de stelling.
Q 11Wie schreef 'De humani corporis fabrica', het eerste complete boek over de menselijke anatomie?
Andreas Vesalius
Het boek verscheen in hetzelfde jaar als het hoofdwerk van Copernicus, wat die periode tot de fundering van de moderne wetenschap maakt.
Q 12In welk deel van de chloroplast vindt de calvincyclus plaats?
Stroma
De lichtreactie speelt zich juist af in de thylakoïdemembranen, waar water onder invloed van licht wordt gesplitst in zuurstof, protonen en elektronen.
Q 13Rond welk jaar groeiden de christelijke denkcentra bij kloosters en kathedralen uit tot universiteiten?
1200
Aan universiteiten als Bologna, Oxford en Parijs ontwikkelde zich de scholastische filosofie, die de logica centraal stelde en het empirisme bepleitte.
Q 21Tegenover wiens verificatietheorie stelde Karl Popper zijn falsificatietheorie?
Rudolf Carnap
Volgens Popper kan de juistheid van een theorie nooit bewezen worden, maar kan ze wel weerlegd worden door een betrouwbare, herhaalde waarneming die niet klopt.
Q 22In welk molecuul met vier koolstofatomen leggen maïs en suikerriet CO2 als eerste vast?
Oxaalazijnzuur
Daarna wordt het CO2 in de plant weer afgesplitst, waarbij malaat ontstaat, en volgt het reactiepad van de gewone calvincyclus.
Q 23Hoeveel aspecten van wetenschap onderscheiden Bergsma en van Petersen in de beroepspraktijk?
Drie
Het gaat om het instituut (universiteiten en hoogleraren), de wetenschappelijke activiteit en de wetenschappelijke kennis als product van die activiteit.
Q 14Welke filosoof wordt in de wetenschapsfilosofie verbonden met het positivisme?
Comte
Hegel staat voor de dialectiek, Kant voor het criticisme en Hume met Berkeley en Locke voor het empirisme.
Q 15Wanneer leggen woestijnplanten met CAM-fotosynthese koolstofdioxide vast?
's Nachts
Het CO2 wordt opgeslagen in malaat of isocitraat en overdag met lichtenergie verder verwerkt, zonder dat de huidmondjes open hoeven en water verdampt.
Q 16Hoe noemde Thomas Kuhn waarnemingen die niet met het bestaande paradigma te verklaren zijn?
Anomalieën
Als zulke uitzonderingen leiden tot een verandering van het paradigma dat niet meer overal werkt, boekt de wetenschap volgens Kuhn vooruitgang.
Q 17Welk jaar wordt vaak genoemd als het begin van de wetenschappelijke revolutie?
1543
In dat jaar publiceerde Nicolaus Copernicus zijn 'De revolutionibus orbium coelestium' over de omwenteling der hemellichamen.
Q 18Wat is de optimale temperatuur voor C4-planten zoals maïs en suikerriet?
25 tot 35 °C
C3-planten gedijen het best bij lagere temperaturen en raken in half tot vol zonlicht lichtverzadigd, wat bij C4-planten niet gebeurt.
Q 19Sinds welk jaar is de wederzijdse beïnvloeding van wetenschap en maatschappij sterk versneld?
1945
Vooral na 1970 groeide door wetenschapssociologisch onderzoek het inzicht in wetenschap en techniek als onderdeel van maatschappelijke processen.
Q 20Van welke Oostenrijkse natuurkundige komt de uitspraak 'nicht einmal falsch'?
Wolfgang Pauli
Een bewering die niet toetsbaar is en dus niet weerlegd kan worden, is voor de wetenschap nutteloos; een foute bewering kan juist wél nuttig zijn als ze tot een betere leidt.
Q 24Hoeveel genen bevat het chloroplast-DNA van een plant gemiddeld?
120-130
Het overgrote deel van de eiwitten in de chloroplast komt toch uit genen van de celkern en wordt geïmporteerd; de chloroplast kan zichzelf wel delen.
Q 25In welke periode woedde de grondslagenstrijd tussen vooraanstaande wiskundigen?
jaren 1920-30
De rol van de logica in de wiskunde stond daarbij centraal; wiskunde geldt als formele wetenschap omdat ze stellingen afleidt uit axioma's in plaats van uit experimenten.
Q 26Welk chlorofylpigment neemt in fotosysteem II de energie van het lichtdeeltje op?
P680
Het aangeslagen elektron wordt binnen een picoseconde afgegeven aan de elektronacceptor feofytine, nog voor het via fluorescentie naar de grondtoestand kan terugvallen.
Q 27Welke Nederlander beschreef het 17e-eeuwse modernisme als een 'mechanisering van het wereldbeeld'?
Eduard Jan Dijksterhuis
Die mechanisering beleefde volgens hem haar hoogtepunt in de klassieke mechanica van Newton.
Q 28Hoeveel bladgroenkorrels per vierkante millimeter bevatten de mesofylcellen van een blad?
450.000 tot 800.000
Het bladoppervlak is bedekt met een waterafstotende waslaag die verdamping tegengaat en ultraviolet en blauw licht deels weert om verhitting te voorkomen.
Q 29Hoe vaak is C4-fotosynthese tijdens de evolutie van planten minstens onafhankelijk ontstaan?
30 keer
Een drijvende kracht was mogelijk de toenemende schaarste van CO2 in de atmosfeer in de laatste 50 miljoen jaar; er zijn circa 1900 C4-soorten bekend, zoals maïs.
Q 30Welk enzym met hoge affiniteit voor CO2 verzorgt de eerste bindingsstap bij C4-planten?
Fosfo-enolpyruvaatcarboxylase
Door de bouw van het blad, met schedecellen rond de nerven die ook chloroplasten bevatten, is het CO2-transport bij C4-planten actief in plaats van passief.